Sport

Meerdink en Bot leggen De Graafschap langs meetlat: 'Ploeg moet met meer lef spelen'

Een kenmerkende actie van Rene Bot in 2008 in dienst van De Graafschap.
Een kenmerkende actie van Rene Bot in 2008 in dienst van De Graafschap. © Orange Pictures
DOETINCHEM - Niet eerder dit seizoen stond De Graafschap zo hoog als nu. Toch vinden twee oud-spelers de huidige elfde positie nog veel te mager. Ook het voetbal kan ze nauwelijks bekoren. Een analyse over de staat van het huidige De Graafschap aan de hand van René Bot en Martijn Meerdink. "Siem de Jong heeft te weinig toegevoegde waarde."
Bot en Meerdink waren pure karaktervoetballers. Jarenlang bestreken zij de rechterkant van De Graafschap. Bot was een gevreesde, spijkerharde vleugelverdediger die het zelfs tien seizoenen volhield op De Vijverberg. Hij kwam tot liefst 265 wedstrijden. Aanvaller Meerdink was tussen 1998 en 2002 vier seizoenen actief bij De Graafschap om vervolgens een toptransfer te maken naar AZ.
Het duo komt nog regelmatig op De Vijverberg. Bot (44), die met zijn sportschool GetFit35 vijf sportscholen heeft in de regio, spreekt veel supporters. Meerdink runt al jaren een eigen voetbalschool in Winterswijk. Hij stoomt op de Pelota Academie in onder meer Velp en Doetinchem talenten klaar voor het grotere werk.

Talenten met marktwaarde

Met interesse kijkt Meerdink (46) dan ook naar de huidige talenten van De Graafschap. "Het zijn bijna de jongere spelers die het momenteel overnemen", opent de Achterhoeker. "Ze zijn fris en doen het goed. Spelers als Önal, Brittijn en Neghli vertegenwoordigen straks marktwaarde voor De Graafschap. Dat is absoluut iets positiefs van dit moment. Die jongens gaan over een paar jaar een stap zetten en dat brengt de club dan zeker iets op."
Ook Bot geniet van de jonge garde, maar plaatst ook een kanttekening. "Als het in de spits niet loopt, zou ik Devin Haen erin zitten. Hij is vorig seizoen snel gekomen, maar nu hoor je nog maar weinig van terwijl hij toch uitkomt voor Jong Oranje. Dat soort jonge spelers zijn wel de toekomst."

Tienduizend fans

De Graafschap staat na zestien duels in de eerste divisie op een elfde plaats. Het seizoen begon belabberd. "Ze zijn gigantisch slecht begonnen", vindt Meerdink. "Je verwacht er meer van, zeker met 10 duizend mensen op de tribunes die er altijd achter staan. Nu gaat het gelukkig ietsje beter. Ze zitten in een redelijke fase, maar het is ook niet meer dan dat."
"Het verwachtingspatroon met de spelers die gehaald zijn zoals Büttner en De Jong lag hoog. Over de trainer waren de mensen lovend", vult Bot aan. "Die verwachtingen zijn ook naar buiten gecommuniceerd maar als je dan het voetbal ziet, word je daar niet blij van. Hopelijk hebben ze nu de slag te pakken gekregen. De supporters zijn echt fantastisch en dat maakt een hoop goed. Het zorgt ervoor dat de club heel bijzonder is."
"Ik vind dat Siem de Jong nauwelijks toegevoegde waarde heeft op het veld. Misschien in de kleedkamer wel hoor", vervolgt Bot. "Hij is lang niet altijd fit", ziet Meerdink. "Ik had van alle oudere spelers die zijn gehaald wat meer verwacht. Büttner brengt nog wel het nodige aan de linkerkant, maar laat ook zijn steekjes vallen. In het elftal zitten genoeg verschillende types, maar in deze divisie hoort De Graafschap verder vooruit te voetballen. Tegenstanders geven namelijk genoeg ruimtes weg."

"Ontslag brengt alleen onrust"

Trainer Poldervaart lag in de eerste weken van het seizoen al snel onder vuur. Technisch directeur Peter Bijvelds voerde met iedereen crisisgesprekken en beloofde aantrekkelijker voetbal. "Ik vind niet dat de trainer de rust uitstraalt die het team nodig heeft", constateert Bot die bijna iedere thuiswedstrijd ziet. "Hij oogt nog steeds zenuwachtig." Meerdink bekijkt het van de andere kant: "Maar hem ontslaan als het nu weer minder zou gaan, brengt alleen maar onrust. Dat moet je niet doen. Je kunt het ook niet allemaal afschuiven op een trainer. De jongens moeten zelf meer brengen. Ze zijn er echt wel mee bezig, maar ik heb de indruk dat ze nog wel wat meer van elkaar mogen vragen."
De voormalig Superboeren vinden ook dat het binnen het bolwerk De Graafschap nog meer over voetbal zou moeten gaan. Bot: "Het is heel mooi allemaal dat sociaal en maatschappelijk verantwoord ondernemen en alles voor de gemeenschap. Maar we hebben het wel over prestatiesport en een voetbalbedrijf. Dat mis ik en dat hoor ik van veel supporters in mijn scholen ook terug. Voetbal moet het belangrijkste zijn wat je te bieden hebt."

Angst eruit halen

"Ik had altijd wel het gevoel dat De Graafschap snel weer zou terugkeren in de eredivisie, maar wij zakken steeds wat verder weg", meent Bot. "Dat vind ik zorgwekkend. De Graafschap moet weer naar boven en dan moet er toch echt iets veranderen. Het belangrijkste vind ik dat het elftal echt naar voren moet willen. Ze proberen het wel om niet bang te zijn, maar het komt er nog niet zo uit. Na een voorsprong zie ik ze te vaak naar achteren lopen. Die angst eruit halen is gewoon te trainen. Gisteravond zag je het ook weer tegen Helmond Sport en dat is zonde. Uiteindelijk gaat het erom dat je dezelfde afspraken maakt en je daar in het veld dan ook aan houdt."
"Het is zo'n mooie club en dan is het afglijden van de afgelopen jaren allemaal wel pijnlijk", zegt Meerdink. "Ik geloof dat de ambitie er overal binnen de club echt wel is, maar het mag voor mijn gevoel iets professioneler en nog wat meer naar voetbal ademen. De concurrentie is enorm groot geworden in de eerste divisie met ploegen als Willem II, PEC Zwolle en Heracles en dat betekent dat je niet zomaar terugkomt. We mogen al blij zijn als De Graafschap straks in de play-offs staat."

Lees ook: