Arnhem en omstreken

Het warmt iets op en prompt wordt de eerste gedumpte schildpad gevonden

Wilma van den Boogert van de dierenambulance met de gedumpte geelbuikschildpad
Wilma van den Boogert van de dierenambulance met de gedumpte geelbuikschildpad © Dierenambulance Nederrijn
HEELSUM - De eerste gedumpte schildpad van het jaar is alweer binnengebracht bij de Dierenambulance Nederrijn. Het is een jaarlijks terugkerend verschijnsel, weten ze daar: zodra het goed weer is, komen de gedumpte schildpadden tevoorschijn. "Die beestjes sterven een langzame dood door uithongering."
"Zodra het zonnetje gaat schijnen, dan gaat het gebeuren. Dan komen de eerste meldingen binnen dat mensen een schildpad hebben gezien", vertelt Wilma van den Boogert van de Dierenambulance Nederrijn.

Uit de winterslaap

"Schildpadden gaan in het najaar in winterslaap. Dan gaan ze de modder in. En vervolgens komen ze in het voorjaar weer boven, als het zonnetje begint te schijnen en de temperatuur omhooggaat", legt Wilma uit: "Dan zitten ze op takken langs de kant zitten, op nesten soms. En dan vragen we de mensen altijd wel om te proberen ze te vangen."
Zelf gaan de medewerkers niet actief op zoek naar schildpadden. Je mag ze niet zomaar vangen. En het lukt je ook niet zo makkelijk, aldus Wilma: "Want in het water zijn ze ontzettend snel, ze kunnen natuurlijk duiken."

Altijd gedumpt

De schildpadden die bij warm weer tevoorschijn komen bij vijvers of grachten, zijn allemaal gedumpt. "Ze komen eigenlijk niet in Nederland voor", gaat Wilma verder. "Mensen beginnen aan een klein schildpadje. Dat is hartstikke leuk als ze een paar centimeter groot zijn, maar binnen een paar jaar zijn ze toch wel 20 tot 30 centimeter groot."
"En aangezien ze best wel veel poepen en heel veel ruimte nodig hebben, wordt het soms een probleem om ze te houden en te verzorgen." En dan zetten mensen ze in de natuur uit.

Ten dode opgeschreven

Maar in de natuur zijn ze volgens Wilma ten dode opgeschreven: "Daar is het te koud voor. Ze kunnen het een aantal jaren redden. Het is te koud en er is te weinig voer voor ze. We zien dus heel veel schildpadden die erg mager zijn. Die beestjes sterven een langzame dood door uithongering."
Toch heeft het ook geen zin om ze te voeren: "Het spijsverteringstelsel gaat pas werken als het boven 18 graden Celsius is. Dus we kunnen ze nu wel voeren, maar dat heeft geen zin, want ze nemen niks op."
Overigens planten schildpadden zich ook niet in de Nederlandse natuur voort, want daar is ons klimaat te koud voor.

Ze horen hier niet

De schildpadden die gevonden worden zijn vaak roodwangen, geelwangen of geelbuiken. De schildpad die bij de opvang van de Dierenambulance Nederrijn werd binnengebracht, is een geelbuik.
Het zijn stuk voor stuk schildpadden die op de lijst van invasieve diersoorten staan: diersoorten die niet van nature in Nederland voorkomen en een bedreiging vormen voor soorten die hier wél horen, aldus Wilma: "Het heet faunavervalsing. Ze eten kleine diertjes die wel bij ons in de natuur horen, zoals hagedissen en kikkers."

Naar Friesland

De Dierenambulance Nederrijn is onderdeel van Dierenzorg Nederrijn in Heelsum. De opvang daar is een officiële opvang voor schildpadden in de regio. Vandaaruit gaan ze naar de nationale opvang in het Friese Harkema.
Probleempje is wel dat de beestjes heel oud worden: "Inmiddels zit Harkema behoorlijk vol. Ze hebben, denk ik, op dit moment meer dan drieduizend schildpadden." De Gelderse schildpad gaat nu zo snel mogelijk naar Friesland toe. Daar zal ook naar zijn schild gekeken worden, want dat is behoorlijk beschadigd.