Gelderse Vallei

Johan (103) zat op het enige schip dat de Slag in de Javazee overleefde

Johan Geneuglijk vocht als 21-jarige mee in de Slag in de Javazee.
Johan Geneuglijk vocht als 21-jarige mee in de Slag in de Javazee. © NOS
SCHERPENZEEL - Johan Geneuglijk vocht als 21-jarige mee in de Slag in de Javazee. Die liep voor geallieerden, waaronder Nederland, fataal af. Drie Nederlandse schepen zonken, 900 militairen kwamen om. Geneuglijk had geluk: hij zat op het enige schip dat niet verging.
Hij maakte deel uit van de bemanning van de Witte de With. "Ingedeeld bij de stuksbemanning van de kanon 3 zag hij de Kortenaer door een voltreffer geraakt worden en binnen twee minuten zinken", zo wordt verteld tijdens de herdenking die dinsdag plaatsvond in Den Haag. Hij is de enige overlevende die nog in leven is.

'Je wordt apathisch'

"Dan sta je daar en dan zie je 's middags een hele schone horizon. Op een gegeven moment ontbrandt die horizon", hij kan het maar nauwelijks droog houden als hij terugdenkt aan 27 februari 1942. "Je wordt een beetje apathisch. Er gebeurt zoveel om je heen. Je weet het niet meer."
"Wat gaan we dan doen?", vroeg hij toen. "Dat zie je wel", werd hem dan gezegd. "Vaak wist de commandant het zelf niet." Johan had er toen geen enkele vertrouwen in dat de geallieerden konden winnen. "Nee, de Jap, die wist alles. Die wilden niet de torpedojagers (zoals de de Witte de With, red.), die wilden alleen de grote schepen hebben."

'Je ziet mensen in doodsnood'

"Op een gegeven ogenblik gingen wij hard bakboord uit. Dan ligt zo'n schip bijna op één oor. Dan ligt die helemaal schuin", zo vertelt uit vanuit zijn stoel. "Dus alles wat loszat, dat gaat in zee. En dat heb ik met eigen ogen gezien. Twee dieptebommen rolden uit hun stelling en ploften heel dichtbij."
Op hetzelfde moment wordt het andere schip, de Kortenaer, geraakt door een torpedo. Johan ziet het nog voor zich. "Dan zie je zo'n schip breken. Je ziet mensen in doodsnood naar het hoogste puntje grijpen", zo blikt Johan terug bij de NOS. "Ze vallen terug in de zee. En wat doen wij? We varen door." Johan is er nog altijd erg emotioneel over. "We draaien niet bij, maar varen gewoon door."

'Ik ga me een beetje bijzonder voelen'

Minister Kajsa Ollongren is vorig jaar bij hem langsgekomen, in het kader van de Nationale Dodenherdenking. Maar Johan blijft er nuchter onder. "Ik weet niet of ik de aangewezen man was om dit te doen. Ik ben geen bijzonder mens, maar ik ga me nu een beetje bijzonder voelen. Het zijn mooie herinneringen", zegt hij terwijl hij de foto's met de minister nog eens terugkijkt. "Je moet ook rekening houden dat ik 103 ben. Dus vandaag of morgen zit ik met mijn neus omhoog."

In 1942 trokken Nederlandse, Amerikaanse, Australische en Britse schepen naar de Javazee om Japanse strijdkrachten op weg naar Java tegen te houden. Karel Doorman kreeg de leiding over de schepen van de geallieerden. Nederland had als kolonisator toen het bestuur over de Indonesische eilandengroep, destijds Nederland-Indië genoemd.

De zeeslag, die drie dagen duurde, liep uit op een grote nederlaag voor de geallieerden. De Japanners hadden meer schepen en overmacht in de lucht. Aan de kant van de geallieerden kwamen 2300 mensen om het leven, aan Japanse zijde sneuvelden tien militairen.

Kort na de zeeslag werd Nederlands-Indië bezet door Japan en werden Nederlanders vastgezet in interneringskampen, ook wel jappenkampen genoemd.