Liemers

Persoon vermist: dit is waarom de politie niet altijd zoekt

In Zevenaar onderzoekt de politie een vermissing van een 42-jarige vrouw.
In Zevenaar onderzoekt de politie een vermissing van een 42-jarige vrouw. © Persbureau Heitink
ZEVENAAR - De politie is sinds enkele dagen op zoek naar Yildiz Kayali, een vermiste 42-jarige vrouw uit Zevenaar. De vrouw zou al sinds 29 december spoorloos zijn en inmiddels gaan de hulpdiensten uit van een misdrijf. Hoe werkt een vermissingszaak achter de schermen? En wat kan er wel en niet?
Ieder jaar krijgt de politie duizenden meldingen van vermissingen. Om die allemaal uit te zoeken, zou het korps veel meer mensen, tijd, geld en middelen nodig hebben dan ze nu ter beschikking staan. Daarom maakt de politie een afweging hoe ernstig een vermissing is om vervolgens te bepalen wat er ingezet kan worden.

Waar houdt de politie rekening mee?

Het eerste waar de politie naar kijkt, is het profiel van de vermiste persoon. Bij kinderen gelden andere opsporingsregels dan bij volwassenen. Volwassenen mogen gaan en staan waar zij willen, dus ligt de lat hoger om in actie te komen tijdens een vermissing.
Bij (psychische) problemen of dementie kan wel worden bepaald dat een volwassene extra risico loopt. Maar wat als je fysiek en mentaal gezond bent, en meerderjarig? Dan gaat het al gauw om de vraag of er sprake is van een misdrijf. Denk aan een achtergelaten telefoon op de laatste plek waar je was of getuigen die iets verdachts hebben gezien.

Wat mag de politie inzetten om de vermiste persoon te vinden?

Dat ligt helemaal aan de vermissing. Hoe groter het risico dat de persoon slachtoffer is van een misdrijf of in levensgevaar verkeert, hoe hoger de kans dat de politie extra middelen in mag zetten om de persoon op te sporen.
De politie mag niet zomaar een telefoon traceren of bankgegevens uitlezen. Daarvoor moeten agenten goed onderbouwen waarom dat nodig is. Dat heeft te maken met de privacy van vermiste personen. Iedereen heeft daar namelijk recht op, wat betekent dat niet gelijk alle registers open mogen worden getrokken zodra de melding gedaan is.
Maar zowel privacy als het beschermen van burgers zijn grondrechten. Per zaak moet daarom afgewogen worden welk grondrecht 'zwaarder' weegt. Hiervoor worden onder andere de persoonskenmerken en de kans dat er sprake is van een misdrijf meegenomen.