Gelderland

Gezinshuiszorg faalt: kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd

Achter de voordeur van de gezinshuiszorg
Achter de voordeur van de gezinshuiszorg
DE GLIND - Zonder passende opleiding of ervaring zorgen voor kwetsbare kinderen. Het klinkt onwaarschijnlijk, maar het kan én mag in de gezinshuiszorg. Het toezicht op deze vorm van jeugdzorg is ontoereikend. Niemand weet hoeveel gezinshuizen er zijn in Nederland en wie er achter de voordeur meekijken. Dat maakt gezinshuizen vruchtbare grond voor misstanden, concludeert Omroep Gelderland na maandenlang onderzoek.
Elora is 10 jaar als haar moeder overlijdt. Omdat haar vader niet voor haar kan zorgen, komt ze in een gezinshuis in De Glind terecht. Hier woont ze tot 2016: “Ik was vanaf het begin al een beetje bang voor mijn pleegvader. Hij was groot en breed en hij gebruikte bij nieuwe pleegbroertjes en -zusjes steeds vaker geweld om ze een les te leren. Ik vond dat heel lastig om te zien.” Elora is een van de vele slachtoffers van recente misstanden in jeugddorp De Glind die zich meldden bij Omroep Gelderland na eerdere publicaties.
Op papier zijn gezinshuisouders professionals die zorgen voor een kwetsbare groep kinderen met een ingewikkelde hulpvraag. In de praktijk blijkt dat iedereen dit beroep kan uitvoeren omdat er geen wettelijke eisen zijn voor gezinshuisouders. Zo zwaaide de gezinshuisvader van Elora, die LTS als vooropleiding had, de scepter in het huis met acht kinderen.

Kwart van alle gezinshuizen in Gelderland

Het idee is dat kinderen opgroeien in een omgeving die zo veel mogelijk lijkt op een gezin. In de werkelijkheid ligt dat anders, zegt oud-kinderrechter Frans van der Reijt: “Ik vind de naam gezinshuizen niet correct. Het gaat om zes of zeven kinderen, maar meer kan ook. Dit zijn geen gezinnen, het zijn kleine internaatjes.”
Het totale aantal gezinshuizen is onbekend omdat er voor deze vorm van zorg geen openbaar register is. Wel is duidelijk dat het er in hoog tempo meer worden. De laatste schatting van het Nederlands Jeugdinstituut dateert uit 2020. Toen waren er zo’n 979 gezinshuizen. Meer dan een kwart daarvan staat in Gelderland.
Schatting uit 2020 van het aantal gezinshuizen in Gelderland
Schatting uit 2020 van het aantal gezinshuizen in Gelderland © Omroep Gelderland

'Kinderen zijn winstmakertjes'

Het aantal gezinshuizen nam explosief toe na de decentralisatie van de jeugdzorg in 2015. Die groei verbaast voormalig kinderrechter Frans van der Reijt niet: “Kinderen zijn winstmakertjes en geen kinderen. Dat vind ik een heel akelige toestand eerlijk gezegd. Vanaf de decentralisatie konden creatievelingen de gemeenten, die nauwelijks verstand hadden van jeugdzorg, de fraaiste ideeën aansmeren en daar dik geld mee verdienen.”
Het had nooit mogen gebeuren, vindt John Goessens, bestuurder bij jeugdzorgaanbieder Entrea Lindenhout: “Wat mij betreft stoppen we morgen met de marktwerking. De gedachte dat je het verdriet van kinderen, de ontreddering van ouders, moet vermarkten, dat kan ik gewoon niet begrijpen.”
Kijk hier naar de uitzending van In Het Vizier van De Jager
In het vizier van De Jager - De schokkende waarheid achter de gezinshuiszorg (deel 1)

Ruim de helft van het zorggeld verdwijnt in zakken ondernemers

Om inzicht te krijgen in die verdiensten, legt Omroep Gelderland de jaarrekeningen van verschillende gezinshuizen in De Glind voor aan Jeroen van Strien, universitair docent fiscaal recht van de Radboud Universiteit. In de jaarrekeningen staat hoeveel zorggeld gezinshuisouders ontvangen voor de kinderen. Van Strien ziet dat ruim de helft van het geld naar de ondernemers zelf gaat, in de vorm van salaris en bovenal hoge winstuitkeringen. “Dit zijn forse winsten voor deze organisaties en het is natuurlijk de vraag in hoeverre deze zich vertalen in goede zorg voor de kinderen”.
Bij lang niet alle gezinshuizen is een zorgaanbieder betrokken. Zonder zorgaanbieder is er minder of geen zicht op wie er achter de voordeur meekijkt. Een enquête van Omroep Gelderland onder alle Gelderse gemeenten laat zien dat ruim driekwart desondanks wel met zelfstandigen in zee gaat.

Wie kijkt er achter de voordeur mee?

Bij elk uithuisgeplaatst kind komt ongeveer vier keer per jaar, op afspraak, iemand van Jeugdstem op bezoek. Dat is de organisatie van vertrouwenspersonen in de jeugdzorg. Ook Jeugdstem heeft niet alle gezinshuizen in beeld.
“We weten niet wat we missen”, zegt Joliska Hellinga, jurist bij de organisatie. “We weten dat we er veel in beeld hebben, maar er is geen lijst, geen openbaar register waarin alle gezinshuizen staan. Als je niet weet dat een gezinshuis bestaat, kunnen we er niet binnenkomen. Ook kan de inspectie niet binnenkomen, dus kan er ook geen toezicht gehouden worden. Dat is zeker zorgelijk, uiteindelijk voor de kinderen die daar verblijven.”
Daarnaast heeft ieder kind een voogd. Over die rol zegt Elora: “Alle gesprekken werden van tevoren ingepland, dus het was nooit een verrassing. Mijn gezinshuisouders konden het huis helemaal aan kant maken en ons waarschuwen dat we niks mochten vertellen.”
In gesprekken met Omroep Gelderland bevestigen alle voogdij-instellingen op afspraak langs te komen en bovendien te kampen met een hoge werkdruk. Het Leger des Heils is een van die instellingen. “Over het algemeen zijn we wel voldoende in staat om misstanden te signaleren. Maar ik kan mij best voorstellen dat er situaties zijn waarin signalen niet worden opgepikt. De inspectie is verantwoordelijk voor dit soort dingen”, zegt een woordvoerder.

Vraagtekens bij het toezicht

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd is de toezichthouder namens de overheid. Sinds 2015 groeide het aantal jeugdzorgaanbieders waar zij toezicht op moeten houden, explosief.
John Goessens: “Als de inspectie bij ons over de vloer komt, dan gaat het gelijk over zeventig gezinshuizen. Dat is voor de inspectie nog wel te doen. Maar al die kleinere, die soms prachtig werk leveren maar waar niet heel erg wordt meegekeken, ja daar ontstaan nu langzamerhand vraagtekens bij.”
Arjen Keers, directeur-bestuurder van gezinshuis.com, vindt niet dat het toezicht faalt. “Het is meer, hoe organiseer je het toezicht? Dat gaat met zevenduizend zorgaanbieders, wat het ongeveer zijn in Nederland, wat lastig omdat je niet met elk kind mee kan kijken. Maar met autorijden gaat het ook weleens mis. Ondanks dat jij je rijbewijs hebt en je de verkeersregels wel hebt gevolgd, heb je toch een bordje gemist. Dat kan.”
De voormalige gezinshuiskinderen Elora en O’Neal kampen met de gevolgen van wat hen in het gezinshuis overkwam. Elora: “Door alles dat ik heb meegemaakt, niet alleen in het pleeggezin, ook daarbuiten, ben ik mijn levensvreugde verloren. Ik kan bepaalde gedachten niet uitzetten en blijf soms malen over hoe hij was. Zo streng en intimiderend. Ik denk dat als ik in een liefdevol gezin terecht was gekomen en kleiner, met meer aandacht is voor het individu, dan waren dingen misschien anders gelopen.”
Publicatie met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten
Publicatie met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten © Omroep Gelderland