Arnhem en omstreken / Rijk van Nijmegen

Angstcultuur bij weginspecteurs zorgt voor onveiligheid op de weg

Weginspecteurs van Rijkswaterstaat maken een wegdek schoon na een ongeval.
Weginspecteurs van Rijkswaterstaat maken een wegdek schoon na een ongeval. © ANP
ARNHEM - Weginspecteurs die veel te lange werkdagen maken en dienstauto’s die slecht zichtbaar zijn voor ander verkeer: het zijn voorbeelden van onveilige situaties op de weg die door een angstcultuur bij Rijkswaterstaat niet of te laat worden aangepakt. De kwestie loopt hoog op en leidt zelfs tot heibel tussen de ondernemingsraad en de directie. "Mensen durven hun mond niet meer open te doen."
Uit gesprekken met meer dan tien (voormalig) weginspecteurs uit heel Nederland en interne documenten komt het beeld naar voren van een sterk verziekte verhouding tussen medewerkers op de weg en leidinggevenden op het kantoor.
Zo geven meerdere weginspecteurs aan dat ze gesprekken met leidinggevenden opnemen, omdat woorden worden verdraaid en afspraken niet worden nagekomen. Anderen zeggen dat ze steunpunten - de plek waar ze koffie halen, pauzes houden en naar het toilet kunnen - mijden, omdat ze hun leidinggevenden daar uit de weg gaan.
Er zijn zelfs weginspecteurs die door de sfeer ziek thuis zitten. Anderen durven zich juist niet ziek te melden, omdat ze bang zijn dat ze ontslagen worden. "Ik heb bijna een burn-out", zegt één van hen. "Het liefst zou ik me ziek melden, maar ik ben bang dat ze me dan niet meer geschikt vinden voor deze baan. Dus ik ga maar gewoon werken."

De 300 weginspecteurs van Rijkswaterstaat zijn verantwoordelijk voor de veiligheid en doorstroming op de Nederlandse snelwegen. Bij een pech- of ongeval parkeren zij hun dienstauto vóór het incident, zodat die als eerste geraakt wordt door onoplettende weggebruikers. Hulpdiensten en bergingsbedrijven kunnen zo achter de auto veilig hun werk doen. Ook ruimen ze voorwerpen op de weg op, als die een gevaar vormen voor het verkeer.

Geen gehoor

Door die angstcultuur blijven onveilige situaties onnodig lang in stand. Als weginspecteurs hun zorgen uiten over te lange werkdagen, de slechte zichtbaarheid van de dienstauto’s of afleiding van systemen in de auto, vinden ze geen gehoor. Sterker nog, ze worden 'resoluut afgebrand'. "Mensen durven hun mond eigenlijk niet meer open te doen, omdat ze zien wat de gevolgen kunnen zijn. Het is 'put up or shut up'. Conformeren of ergens anders solliciteren."
Tekst gaat verder onder de foto. Disclaimer: de foto's van weginspecteurs in dit artikel zijn gebruikt ter illustratie. Deze komen niet overeen met de bronnen die aan bod komen in het artikel.
Illustratie
Illustratie © ANP; bewerking Omroep Gelderland

Te lange werkdagen

Weginspecteurs klagen al jaren over te lange werkdagen, waarbij ze meer dan 13 uur per dag werken. Dat is verboden volgens de Arbeidstijdenwet. Het gaat om zo’n 270 overtredingen per jaar. De Nederlandse Arbeidsinspectie tikte Rijkswaterstaat hier eind vorig jaar nog voor op de vingers.
Een belangrijke oorzaak van die lange werkdagen is de oproepdienst in de nacht, die vaak volgt op een gewone dagdienst. Als er dan een ongeluk gebeurt, zijn weginspecteurs vaak uren extra in de weer. Een aanbeveling uit een intern onderzoek uit 2020 om de roosters te veranderen, werd niet opgevolgd.
Rijkswaterstaat vindt elke overtreding van de Arbeidstijdenwet er één te veel, maar ze stelt dat het in minder dan 0,3 procent van de diensten gebeurt. Na de waarschuwing van de Arbeidsinspectie 'is het desbetreffende rooster aangepast'. De aanbeveling uit het interne onderzoek is Rijkswaterstaat niet bekend.

Reflectiestrepen onvoldoende zichtbaar

De lange werkdagen zijn niet het enige probleem waarover medewerkers aan de bel trokken. Zo kregen ze in 2019 nieuwe dienstauto's, maar weginspecteurs hadden meteen door dat de reflectiestrepen daarop minder zichtbaar waren. Leidinggevenden legden meldingen daarover naast zich neer. Pas toen medewerkers zelf naar interne veiligheidsdeskundigen stapten, werd het probleem aangepakt.
Honderden dienstauto’s moesten opnieuw bestickerd worden met betere reflectiestrepen. In dat jaar halveerde het aantal ongelukken met dienstauto’s: van 16 aanrijdingen in 2021 naar 9 in 2022. "In de afgelopen jaren is de zichtbaarheid en herkenbaarheid van de dienstvoertuigen verbeterd. Mogelijk speelt dat een rol", zei Rijkswaterstaat hierover in haar jaarverslag.
In een reactie zegt Rijkswaterstaat dat de nieuwe dienstauto’s altijd voldeden aan wet- en regelgeving. "Suggesties van de weginspecteurs om aanvullend de zichtbaarheid te verbeteren, zijn serieus en direct opgepakt met een uitvoerige test. De aanbevelingen zijn vervolgens direct doorgevoerd."
Tekst gaat verder onder de foto. Disclaimer: de foto's van weginspecteurs in dit artikel zijn gebruikt ter illustratie. Deze komen niet overeen met de bronnen die aan bod komen in het artikel.
De verschillende reflectiestrepen uit 2017, 2021 en 2023 (van links naar rechts). Die uit 2021 bleek onvoldoende.
De verschillende reflectiestrepen uit 2017, 2021 en 2023 (van links naar rechts). Die uit 2021 bleek onvoldoende. © ANP; bewerking Omroep Gelderland

Afgeleid in auto

Nu is er weer onrust over een systeem in de auto, waar weginspecteurs meldingen over incidenten binnenkrijgen. Het systeem berekent wie het snelst bij een pech- of ongeval kan zijn. Het wordt bejubeld door Rijkswaterstaat omdat het 70 seconden aanrijtijd scheelt.
Weginspecteurs krijgen meldingen op de ingebouwde tablet in hun dienstauto. Maar waar hun eigen ministerie van Infrastructuur en Waterstaat het MONO-rijden propageert, moeten weginspecteurs die tablet al rijdend bedienen. Zelfs als ze met zwaailichten door het verkeer razen.
"Het is mij meerdere keren gebeurd dat ik afgeleid ben en aan mijn stuur moet trekken omdat het anders mis gaat. Je bent geen voorbeeld meer, voor niemand meer. Het is gewoon wachten op een ongeval." Filmpjes laten ook zien hoe weginspecteurs gevaarlijk rijgedrag vertonen. Dit terwijl de hoogste baas van VWM, Erica Slump, zelf werkgevers juist oproept zulk gedrag niet toe te staan: "Want wat is je verhaal ten opzichte van de slachtoffers die door dit gedrag veroorzaakt worden?"
Rijkswaterstaat laat in een reactie weten dat het systeem zorgt voor minder handelingen dan voorheen. "Rijkswaterstaat vindt het enorm belangrijk dat weginspecteurs niet worden afgeleid. De volgende stap is spraakgestuurd werken, waardoor er nog minder handelingen moeten worden verricht. Er zijn geen signalen binnengekomen dat het systeem de veiligheid in gevaar brengt. Als dit wel het geval is, kijkt Rijkswaterstaat graag samen naar een oplossing."

Breuk met ondernemingsraad

Niet alleen de weginspecteurs lopen tegen deze angstcultuur aan, heel Verkeer- en Watermanagement (VWM) is ervan doorspekt. Zelfs de ondernemingsraad heeft afgelopen maart de samenwerking grotendeels opgeschort met de hoogste baas, hoofdingenieur-directeur Erica Slump. "De OR VWM voelt zich niet serieus genomen. (...) Reeds vele malen hebben we in diverse overleggen dit probleem aangekaart, maar daar wordt naar de mening van de ondernemingsraad weinig tot niets mee gedaan", schrijft de ondernemingsraad gefrustreerd. Die impasse duurt nu al acht maanden.
Ondertussen staat Rijkswaterstaat regelmatig lijnrecht tegenover de eigen medewerkers. Vakbondsorganisatie VPW heeft het er ontzettend druk mee en zag het aantal uren dat ze leden ondersteunen met een advocaat ruim verdubbelen. Dan gaat het niet alleen om geschillen aan de kant van de ‘weg’, maar ook aan ‘de natte kant’ op de boten en bij de sluizen. Voorzitter Richard Goudriaan: "Vroeger hadden medewerkers het idee dat hun werkgever voor ze stond. Nu zijn ze regelmatig bang voor de werkgever waarbij ze in dienst zijn."
Op het ministerie is het inmiddels duidelijk dat er iets mis is bij Verkeer- en Watermanagement. De hoogste ambtenaar, secretaris-generaal Jan-Hendrik Dronkers, is op de hoogte van de signalen en heeft, samen met de directeur-generaal van Rijkswaterstaat, een externe adviseur aangesteld om de situatie in kaart te brengen.

Reactie Rijkswaterstaat en ministerie

Rijkswaterstaat en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat herkennen zich niet in het beeld van een angstcultuur, maar ze betreuren het als medewerkers dat anders ervaren. "Als er medewerkers zijn die zorgen hebben en het gevoel hebben deze niet te kunnen uiten, dan vinden we dat heel vervelend. Wij realiseren ons dat sommige signalen ons wellicht niet bereiken of niet naar tevredenheid worden opgepakt en/of een vervolg krijgen. Dit blijft een aandachtspunt."
Over de veiligheid op de weg zeggen ze: "Signalen dat het werk en daarmee de situatie op de weg in algemene zin onveilig is, hebben we niet. Als collega’s dit anders ervaren, dan nemen we dat uiterst serieus en gaan we uitzoeken hoe we dit kunnen verbeteren. Rijkswaterstaat wil een organisatie zijn waar iedere medewerker zich veilig en gehoord voelt. Daarnaast moet er een cultuur zijn waar zorgen geuit kunnen worden en plaats is voor feedback. Als dit door medewerkers anders wordt ervaren, dan betreuren wij dit en gaan graag met deze collega’s in gesprek."
Angstcultuur bij Rijkswaterstaat

Voor dit verhaal sprak Omroep Gelderland met meer dan tien weginspecteurs, de vakvereniging VPW en de Nederlandse Arbeidsinspectie. Ook hadden we inzage in interne documenten zoals e-mails, memo’s, notulen en onderzoeken. Daarnaast maakten we gebruik van openbare bronnen, zoals rechterlijke uitspraken en jaarverslagen. Uit angst voor de gevolgen wilden medewerkers alleen anoniem hun verhaal doen. Hun namen zijn bekend bij de redactie.

Omroep Gelderland heeft een onderzoeksredactie die misstanden aan het licht brengt. Kent u zo'n verhaal en wilt u dat dat wordt aangekaart? Lees dan hier hoe u contact met ons kan opnemen.