Arnhem en omstreken

Ondernemers mogen grond niet meer vrij verkopen, maar hebben daar begrip voor

De gebieden in het Rijnpark waar het om gaat.
De gebieden in het Rijnpark waar het om gaat. © Gemeente Arnhem
ARNHEM - Ondernemers op het Arnhemse bedrijventerrein Rijnpark reageren begripvol op het feit dat zij hun grond niet meer zomaar aan marktpartijen mogen verkopen. De gemeente wil er onder meer woningbouw creëren en legt de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) op. Bij verkoop moeten zij hun bezit nu eerst aan de gemeente aanbieden. "Het klinkt misschien raar, maar ik ben er eigenlijk wel blij mee", vertelt de grootste vastgoedeigenaar in dat gebied.
De eigenaar van onder meer de voormalige Corushallen ziet dat de Wvg waar hij nu mee te maken krijgt wat belemmeringen kan geven, maar het biedt ook rust, weet de ondernemer. "Het geeft aan dat de gemeente een richting heeft gekozen."
Dat de gemeente voor deze maatregel kiest, snapt hij dan ook wel. "Het zou jammer zijn als er nu een kavel wordt verkocht aan iemand die de ontwikkeling in dit gebied in de weg gaat zitten."

'Geeft zekerheid'

Of het per se nodig was geweest om deze toch zware maatregel in te stellen, weet de vastgoedeigenaar niet. Volgens hem zijn veel ondernemers in het gebied de afgelopen tijd al benaderd door speculanten. Dus degenen die hun grond willen verkopen, hadden dat al kunnen doen. "Maar nu heb je in elk geval de zekerheid voor het gebied."
Dat Arnhem daarmee straks een stuk bedrijventerrein verliest, hoeft volgens deze ondernemer niet te betekenen dat er minder bedrijvigheid overblijft. "Nu staan er een aantal grote opslaghallen, maar daar werken soms slechts tien personen. Door een andere invulling en bijvoorbeeld de hoogte in te bouwen kun je er meer vierkante meters en meer werkplekken creëren." Die mix van wonen en werken is volgens hem een mooie invulling van het gebied.
Nu moeten de neuzen van alle betrokken partijen dezelfde kant op komen te staan over de exacte invulling van de plannen, beseft hij. Dat proces gaat hij met vertrouwen in, omdat hij ook bij zijn mede-ondernemers welwillende en redelijke partijen ziet.

Communicatie nu wel goed

Ook heeft hij complimenten voor de communicatie van de gemeente. Anders dan bijvoorbeeld bij de Schaapsdrift, waar de Wvg in een aangrenzend gebied is opgelegd aan particuliere woningbezitters, die tot op de dag van vandaag tot veel verzet en woede leidt. Maar in dit proces is die netjes gegaan, stelt de vastgoedeigenaar. "We zijn direct geïnformeerd met brieven en persoonlijke uitleg."
Wethouder Cathelijne Bouwkamp erkent lessen te hebben getrokken uit de situatie rondom de Schaapsdrift. "Dat was ook wel een wat andere situatie, omdat het toen ging om woningen en nu om bedrijven. Maar we hebben geprobeerd alle eigenaren te spreken."
Bouwkamp deelt het beeld dat ondernemers in het gebied mee willen denken en kijkt ernaar uit met hen samen te werken. "Dat doen we dan ook graag met de huidige eigenaren." Dat is volgens haar precies de reden waarom de Wvg nodig is. "We moeten voorkomen dat er speculanten binnenkomen die dat proces belemmeren."

'Rekensommetje nog niet gemaakt'

Of het niet spannend kan worden als de gemeente met eisen op het gebied van groen of bijvoorbeeld sociale huur komt, die wat minder direct winstgevend zijn? "Die rekensommetjes heb ik nog niet gemaakt", vertelt de vastgoedeigenaar van het Rijnpark. "Maar wellicht moeten we dan meer in de hoogte bouwen. Het moet voor iedereen passend zijn. Het is in ieders belang dat daar een goede balans in wordt gevonden."
Bouwkamp geeft aan te willen kijken naar een 'eerlijke verdeling tussen de lasten en de lusten'. Een patstelling met deze ondernemers omdat er geen oplossing wordt gevonden in tegengestelde belangen, is geen scenario waar de wethouder rekening mee houdt. In het uiterste geval zou de gemeente de grond kunnen onteigenen. Maar dat is volgens Bouwkamp wel heel erg een 'wat als vraag'. "Die is nu niet aan de orde."

'Onteigening ingewikkeld traject'

Ook de vastgoedeigenaar ziet onteigening van zijn grond niet als een realistisch scenario. "Dat is een ingewikkeld traject. Bovendien ervaar ik de gemeente als meewerkend. Ik verwacht dat we daar uit gaan komen."
Bouwkamp zegt zo snel mogelijk te willen starten met het maken van de plannen, zodat er uiterlijk in 2030 zeker 2400 woningen in het gebied staan. Dat kunnen er wat haar betreft ook meer zijn. "We kijken naar het maximale met behoud van de kwaliteit van leven en wonen."