Gelderland

Supersnel je autoruiten ijsvrij: Roosmarijn heeft de gouden tip

De autoruiten krabben is nu voor veel mensen dagelijkse kost.
De autoruiten krabben is nu voor veel mensen dagelijkse kost. © ANP
Het kwik zakt deze dagen flink onder nul en dus staan we 's ochtends massaal de ruiten van de auto schoon te krabben. De ene keer lukt dat snel, de andere keer duurt het flink langer. Hoe komt dat eigenlijk, en waarom is soms de ene kant van de auto veel erger bevroren dan de andere kant? Meteoroloog Roosmarijn Knol van Weerplaza heeft de antwoorden, plus een gouden tip om je ruiten snel ijsvrij te krijgen.
Eerst de technische kant. Iedereen weet dat zich bij zeer lage temperaturen een ijslaagje vormt op de autoruiten, maar hoe kómt het nu precies? Dat zit zo: bij koud weer koelen de lucht en de grond flink af. Koude lucht is niet goed in staat vocht vast te houden en dat vocht moet ergens heen. Onder invloed van de zwaartekracht zakken de druppels uit de lucht weer richting de aarde, waaronder dus op je autoruiten. En omdat het zo koud is, bevriezen die druppels al snel: voilá, de ijslaag ontstaat.

De luchtvochtigheid is bepalend

Het verschilt vaak behoorlijk hoe lang en hard je moet krabben. Soms ben je met een minuutje weer ready to go, maar op andere dagen lijkt er geen eind aan te komen. Hoe zit dat? "Het heeft alles te maken met de luchtvochtigheid en met de hoeveelheid bewolking in de nacht", zegt weervrouw Roosmarijn. "Als de luchtvochtigheid hoog is, kan dat proces van druppels uit de koude lucht best een tijdje doorgaan en groeit die ijslaag op je auto steeds verder aan. Dat is vooral zo op avonden en in nachten."
En dan die verschillende kanten van de auto: soms is de ene kant zó ijsvrij, maar lijkt de andere kant harder aangevroren. Hoe dat zit? Simpel: de zijde die er het 'best' aan toe is, heeft dichter bij een warme plek gestaan. Bijvoorbeeld bij de voordeur, of een muur waarachter warmte zit, of een buffer buiten die kou opving. "Door de hoge energierekening verwarmen we ons huis misschien wat minder hard, maar we doen het nog wel", legt Roosmarijn uit.
"Je huis is warmer dan de buitenlucht en straalt wat warmte uit. Als je de linkerkant van je auto dicht tegen het huis aanzet, hoef je aan die kant minder te krabben. En zet je je auto onder een afdakje, dan zorgt dat ervoor dat die koude lucht daar wat minder makkelijk bij kan komen en bevriest het minder snel."

De gouden tip

En dan die gouden tip. De één legt 's avonds vast een ijsdeken over de voorruit en ander gebruikt 's ochtends een goed werkende ontdooispray om snel de auto in te kunnen. Roosmarijn pakt het echter anders aan. "Pak een hersluitbaar diepvrieszakje, vul die met warm water en sluit het zakje, zodat er geen druppels uitsijpelen. Wrijf dat zakje over je autoruit heen en je ziet dat het ijs wegsmelt. Met je krabber duw je de losgelaten restjes weg. Zo hoef je niet met heet water in de weer, want gebruik je heet water op je ruit, dan kunnen er barstjes in de ruit komen."