Arnhem en omstreken

Onderwijs botst hard met ouders in hoogbegaafdendebat

Ouders Rico Kreijne en Ilain Kortram bij het Arnhemse raadsdebat.
Ouders Rico Kreijne en Ilain Kortram bij het Arnhemse raadsdebat. © Gemeente Arnhem
ARNHEM - Het onderwijsveld kwam woensdagavond hard in botsing met de aanwezige ervaringsdeskundigen, voornamelijk ouders van hoogbegaafde kinderen. Daar sprak de gemeenteraad over de hoogbegaafdenproblematiek naar aanleiding van de berichtgeving van Omroep Gelderland. Het beeld ontstond bij hen dat de verantwoordelijke onderwijsinstellingen hun straatje schoonveegden.
Rico Kreijne, vader van drie hoogbegaafde kinderen, zou graag zien dat onderwijsinstellingen buiten de kaders denken. "Niet door blijven draaien in dat wat bewezen heeft niet te werken."
In verschillende verhalen liet Omroep Gelderland de pijnlijke en schrijnende ervaringen zien van hoogbegaafde leerlingen in het onderwijs. Een deel van hen loopt uiteindelijk compleet vast en velen zijn er ongelukkig, blijkt uit hun verhalen. Van de gevolgen kunnen zij hun leven lang last houden. Het leidde tot de nodige politieke aandacht. Het thema werd opgenomen in het Arnhemse coalitieakkoord en de politiek wilde in gesprek met experts en ervaringsdeskundigen, wat onder meer in dit debat gebeurde.
Toch is het niet zo dat de onderwijsinstellingen helemaal geen ruimte voor verbetering zagen. "Er moeten aanvullende voorzieningen komen", vindt directeur Nicolette Engbers van samenwerkingsverband PassendWijs, verantwoordelijk voor een passend onderwijsaanbod in het primair onderwijs in de regio. Zij zegt daar met de gemeente over in gesprek te zijn om daar volgend jaar samen in op te trekken.

'Noodklep is er en werkt'

Johnny Uytdewilligen, verantwoordelijk voor passend onderwijs in het voortgezet onderwijs, ziet vooral verbetermogelijkheden in het tijdig herkennen en erkennen van signalen van hoogbegaafdheid. Samenwerking daarin met het primair onderwijs, moet volgens hem beter.
Verder denkt Uytdewilligen dat hij zijn opdracht voor passend onderwijs goed uit kan voeren. "Misschien is dat voor een handvol leerlingen heel ingewikkeld. Maar in dat soort extreme gevallen weten we de gemeente heel goed te vinden en lossen we dat op. Die noodklep is er al en werkt ook."
Maar als het allemaal zou werken, dan waren deze bijeenkomsten onnodig, bijt ervaringsdeskundige Andrei Vreeling van zich af. "Dan zit ik hier nu mijn tijd te verdoen. Maar er zitten hier allemaal mensen om me heen die nu al vervelende ervaringen hebben."

'Eén uur in de week blij'

"Moeten we dan echt wachten tot een kind écht niet meer in een normale onderwijssetting kan functioneren", valt vader Rico hem bij. PassendWijs doet ook goed werk, ziet Rico. "Maar dat is één uur in de week. Dus mijn kind is één uur in de week blij. De rest van de week moet hij 'door zien te komen'. Is dat we willen voor deze kinderen?", vraagt Rico retorisch. "Of willen we gewoon elke dag passend onderwijs, wat ze nodig hebben."
Maar ik heb niet gezegd dat wij geen problematiek hebben, verdedigt Uytdewilligen zich. De grootste groep hoogbegaafden wil bovendien geen onderwijs met gelijkgestemden maar reguliere klassen, stelt hij.
Een opmerking die de onderwijsdirecteur direct op de nodige cynische non-verbale reacties uit de hoek van de ervaringsdeskundigen komt te staan. "Nietus", reageert Charlotte Hoyng van Mensa Nederland, de vereniging van hoogbegaafden. "Al onze kindjes willen gewoon passend onderwijs in een fijne omgeving. Soortgenootjes zijn daarbij juist hartstikke leuk. Daar zullen we ons echt niet tegen verzetten,"

'Complete onzin'

Rico weet uit ervaring dat zijn kinderen 'heel anders terugkomen' van de lessen hoogbegaafdenonderwijs dan van een normale school. "Complete onzin", typeert hij de woorden van Uytdewilligen. Reguliere scholen kunnen een goed aanbod voor hoogbegaafden simpelweg niet aan, is hij overtuigd.
Voor 80 procent van de hoogbegaafde kinderen is het juíst belangrijk welke personen zij om zich heen hebben, weet Wilmer Beekman van Welzien een zorginstelling voor uitgevallen hoogbegaafden. "Dat gaat om gelijkgestemden, maar ook volwassenen die hen begrijpen. Die ze vertrouwen en hen de ruimte geven wanneer ze die nodig hebben."
Vaak passen kinderen zich op school of de opvang aan, ziet Ilain Kortram, moeder met Surinaamse roots. "En als ze thuiskomen, komt alle ellende eruit. Dan worden ze boos, agressief of juist teruggetrokken van dat continue aan moeten passen."

Achterstandswijken en niet-Nederlandse komaf

Bovendien wordt in achterstandswijken vaak helemaal niet de link gelegd met hoogbegaafdheid, weet Aranka Broekhuijsen moeder van de hoogbegaafde Duane die in het Arnhemse Klarendal woont. Ook bij kinderen van niet-Nederlandse komaf worden die problemen vaak niet gesignaleerd, weet Rico die als docent lesgeeft in 'probleemwijken'. "Er wordt toch vanuit gegaan dat hun probleemgedrag niet daaraan kan liggen. Een gevaarlijke valkuil."
Hoeveel hoogbegaafde kinderen onder de radar blijven omdat ze zich aanpassen en mogelijk onderpresteren, is regiocoördinator Verhaaff van PassendWijs onbekend. "Maar die zullen we niet allemaal in het vizier hebben." Hoyng heeft die cijfers wel paraat en stelt dat het om 60 procent van de hoogbegaafde meisjes gaat en 20 procent van de jongens. Veel kinderen hebben sowieso al zestien verkeerde labeltjes gekregen voor men erachter komt dat het hoogbegaafdheid is, weet Hoyng. "Die moet je er heel voorzichtig weer afpellen."
Of de omgang met hoogbegaafdheid eigenlijk wel structureel onderdeel uitmaakt van de lerarenopleiding voor het basisonderwijs, weet Verhaaff ook niet. Hilde Koehorst, afdelingscoördinator van OPUS de plek voor hoogbegaafdenonderwijs op de middelbare school, ziet dat die voor haar docenten in elk geval ernstig tekortschiet. "Ze hebben er hooguit een keer een bijeenkomst over gehad." Ook pleit Koehorst voor speciaal onderwijs op vwo-niveau. Dat ontbreekt nu volledig in de regio.
Onderwijsdirecteur Engbers benadrukt dat zij ouders in haar beleid mee zal gaan nemen. "Dat zijn we misschien niet altijd zo gewend, dus dat zal best zoeken zijn." Zij zou daar graag vanuit een constructieve dialoog aan beginnen. "Want ik snap best dat als je gefrustreerd bent over alles wat er is gebeurd, je niet altijd vertrouwen hebt."

'Eerste kinderfeestje gehad'

Aranka hoopt dat er naast de toekomstplannen ook oog blijft voor de kinderen die nu in de problemen zitten. Haar 7-jarige zoon heeft deze week zijn eerste kinderfeestje gehad, vertelt zij. Sinds hij op Welzien zit, heeft hij volgens haar voor het eerst echt contact met leeftijdsgenoten. "Probeer dat voor ogen te houden en realiseer je hoeveel deze kinderen missen. Hoe ze kapot gaan als dingen niet gaan zoals ze moeten gaan."
Uytdewilligen spreekt de wens uit het 'wij-zijgevoel' los te laten.
Morgen meer over de beloftes van de politiek.