Arnhem en omstreken

Grote frustratie bij scholen en leerlingen radeloos: wet passend onderwijs werkt niet

ARNHEM - De Wet passend onderwijs heeft acht jaar na invoering nog steeds niet het gewenste effect in Gelderland. Dat blijkt uit onderzoek van Omroep Gelderland. Het aantal leerlingen dat in onze provincie naar voortgezet speciaal onderwijs (vso) gaat, daalt maar niet. Terwijl dit door de wet juist wel zou moeten.
Met een beetje hulp en ondersteuning moesten zorgleerlingen vanaf 2014 langer op het (goedkopere) reguliere onderwijs blijven. Dat was de bedoeling van de Wet passend onderwijs: een drastische landelijke hervorming en bezuiniging. Maar in praktijk blijkt vooral sprake van leegrakende geldpotjes, veel frustratie bij scholen én leerlingen in de knel.

Leerlingen verder achterop

Er gaan niet minder kinderen naar speciaal onderwijs dan voorheen. Schoolbestuurders van vso's zien dat het aantal leerlingen gelijk blijft en soms zelfs stijgt ten opzichte van vóór 2014.
Wat wel veranderd is: leerlingen komen vaak later binnen. Ze zijn soms te lang vastgehouden in het reguliere onderwijs - dat goedkoper is. Met grote gevolgen: hun problemen en leerachterstand zijn verergerd.

Grote zorgen

Het baart bestuurders en docenten grote zorgen. "Ik zie leerlingen die minder leerbaar zijn, omdat ze te lang iets hebben moeten doen wat ze niet kunnen", zegt Freek Duvigneau, directielid van vso-school Klein Borculo.
"Het systeem zorgt ervoor dat sommige leerlingen ongelooflijke vertraging oplopen, of vele niveaus naar beneden gaan", zegt een docent op een reguliere middelbare school in Arnhem. Ze ziet leerlingen die met de juiste begeleiding naar vwo zouden kunnen, maar in plaats daarvan in voorbereidend beroepsonderwijs blijven steken. "Dat is toch idioot", zegt ze.
"De overheid heeft zich vergist in de maakbaarheid van passend onderwijs," zegt Frank de Vries, voorzitter van de Stichting Speciaal Onderwijs in Twente en Oost-Gelderland. "Je kunt sommige leerlingen niet zomaar laten meedraaien in regulier onderwijs."

Financiële prikkel

In Gelderland zaten jarenlang relatief veel leerlingen op het (voortgezet) speciaal onderwijs, mogelijk door de vele zorginstellingen. De wet op passend onderwijs moest dat na 2014 veranderen: Gelderland moest gaan voldoen aan het landelijk gemiddelde. Dat betekende: minder leerlingen doorverwijzen naar speciaal onderwijs. Een financiële prikkel moest daartoe stimuleren.
Ieder samenwerkingsverband (waarin reguliere en speciale scholen per regio samenwerken) krijgt een grote zak met geld. Daaruit moet ondersteuning op de reguliere school betaald worden, én het (duurdere) speciaal onderwijs. Meer kinderen naar speciaal onderwijs betekent dus minder geld voor reguliere scholen. Die financiële prikkel zou samenwerkingsverbanden moeten stimuleren om kinderen met een ondersteuningsbehoefte langer op een reguliere school mee te laten draaien.

Discriminatie

Maar zo werkt het niet, zien schoolbestuurders en samenwerkingsverbanden in Gelderland nu na acht jaar. Freek Duvigneau: "Door die financiële drempel komen leerlingen niet op de beste plek terecht." Dat zegt ook Frank de Vries: "In een beschaafd land als Nederland moeten kinderen op de goede onderwijsplek komen. Je moet vanuit het belang van kinderen redeneren. Dat kan niet gehinderd worden door een financiële tik op de vingers."
Hij wijst erop dat we voor gymnasiumleerlingen ook geen financiële prikkel kennen. "Ik vind het een vorm van discriminatie naar leerlingen die in het speciaal onderwijs zitten." Bovendien werkt het niet. Leerlingen die naar speciaal onderwijs moeten, gaan er namelijk uiteindelijk alsnog wel heen, zeggen de bestuurders. Alleen komen ze nu vaker binnen met grotere problemen en een leerachterstand.
Ondertussen doen reguliere scholen ontzettend hun best om leerlingen zo lang mogelijk mee te laten draaien. Maar de grenzen zijn bereikt, zegt ook bestuurder Hennie Loeffen van De Onderwijsspecialisten.
Verantwoording

Voor dit verhaal legde Omroep Gelderland data uit diverse onderzoeken en rapporten samen, waaronder: eindrapport Evaluatie passend onderwijs, data van het CBS, Algemene Rekenkamer en 'De Staat van het Onderwijs'. Daarnaast spraken we met onder meer bestuurders van Gelderse samenwerkingsverbanden, SOTOG en De Onderwijsspecialisten (de twee grootste organisaties die speciaal onderwijs aanbieden in Gelderland) en directieleden van vso-scholen. Ten slotte spraken we met belangengroepen (zoals Ouders en Onderwijs, Steunpunt Passend Onderwijs en de VO/PO-Raad), meerdere docenten en ouders met kinderen op speciaal onderwijs.

Vragen of reacties? Graag! research@gld.nl